MOOOV | Young-Critics New-Israeli-Queer-Cinema-na-Yossi-en-Jagger_-over-The-Cakemaker-en-seksueel-dubbelleven

door Tom Rouvrois 

media image

De Staat Israël is een van de meest seksueel bevrijde landen uit het Midden-Oosten. Tel-Aviv wordt aanzien als één van de meest homovriendelijke steden ter wereld. Van de jaarlijkse Pride Parade tot Dana International: holebi’s zijn hier, luid en queer. Maar wil dat ook zeggen dat de herenliefde filmisch gezien omarmd is?

 

Israëlische cinema is doorgaans vrij liberaal wanneer het op seks en naaktheid neerkomt, en de doorsnee filmkijker heeft vaak meer dan een blote borst nodig om geschokt te zijn. De laatste decennia hebben seksuele minderheden gaandeweg hun plaats gevonden, niet enkel in de Israëlische heteronormatieve gemeenschap, maar ook in de Israëlische cinema.

“Love should never be a secret” las de tagline van Yossi and Jagger, de geprezen film uit 2002 van de Israëlische regisseur Eytan Fox over een stel mannelijke militairen die tegen beter weten in bij elkaar de liefde vinden. Hun filmromance veroorzaakte een radicale verschuiving in de manier waarop Israëlische cinema homoseksualiteit toonde. Voor het eerst drong een queer film door tot het mainstream publiek. Ondanks het feit dat het gaat om een gay love story, is het hoofdthema van de film universeel van aard. Onbeantwoorde liefde is alomtegenwoordig en overstijgt geaardheid en geslacht.

 

Zoet afrodisiacum


Sinds Yossi and Jagger zijn er in de Israëlische cinema amper grote films met homoseksuele hoofdpersonages gemaakt. Met The Cakemaker (2017) onderneemt regisseur Ofir Raul Graizer een nieuwe poging om queer cinema populair te maken bij een zo breed mogelijk publiek. In de film, die gebaseerd is op waargebeurde feiten, valt de Israëlische zakenman Oren (Roy Miller) als een blok voor de Schwarzwälder Kirschtorte van de Duitse banketbakker Thomas (Tim Kalkhof). Dat Oren in zijn thuisland een vrouw en een zoon heeft, staat hun hartstocht niet in de weg: de liefde van de man gaat nog steeds door de maag. Hun stomende affaire komt abrupt ten einde wanneer Oren plots overlijdt. De radeloze Thomas besluit om naar Israël te vliegen en er samen met Orens weduwe Anat (Sarah Adler) te rouwen om het verlies van de man die ze beiden lief hebben gehad.

Ofir Raul Graizers film kaart een probleem aan binnen de Israëlische gemeenschap: papier en praktijk komen niet overeen. Sodomie mag dan wel al sinds 1963 uit het Israëlische strafwetboek gebonjourd zijn, toch blijft holebiseksualiteit nog steeds grotendeels achter gesloten deuren verborgen. Ook in de Israëlische queer cinema worden holebiromances achter hoek en kant beleefd, verborgen onder een sluier van schaamte. Is expliciete mannenliefde in Israëlische cinema dan toch nog een taboe?

 

New Israeli Queer Cinema


Even terugspoelen naar 1980, toen regisseur Dan Wolman met Hide and Seek voor het eerst homoseksualiteit aankaartte in de Israëlische cinema. Drie jaar later wierp de openlijk homoseksuele regisseur Amos Guttman zich met Drifting (1983) op als de pionier van de New Israeli Queer Cinema. Voor het eerst was het homoseksuele personage geen martelaar voor de liefde, maar een man van vlees en bloed die droomt van de liefde. Nadien zou Guttman, die in 1993 overleed aan de gevolgen van aids, onder meer nog Amazing Grace (1992) regisseren. Zowel Drifting als Amazing Grace richtten zich specifiek tot de Israëlische holebigemeenschap, en niet meteen tot het grote publiek.

Sinds Amos Guttman heeft de Israëlische cinema een lange weg afgelegd. In de vroege jaren 1990 ontstond de New Israeli Queer Cinema, vlak nadat de wetten tegen homoseksualiteit in 1988 ook in de praktijk opgeheven werden en de tweede generatie homorechtenactivisten opstond in onder meer Tel Aviv, Haifa en Jeruzalem. Spilfiguur was Eytan Fox, na Guttman de belangrijkste openlijk homoseksuele regisseur uit Israël. Dankzij films als Ba'al Ba'al Lev (1997), Walk on Water (2004) en The Bubble (2006) kreeg homoseksualiteit in de Israëlische film een tweede adem. Toch is het vooral zijn Yossi & Jagger die het grootste verschil heeft gemaakt inzake de perceptie van homoseksualiteit. Ondanks de kritiek die de film te slikken kreeg omwille van zijn eenzijdige houding ten opzichte van de beleving van homoseksualiteit — wie homo is, doet dit best in het geniep — en het feit dat één van de homoseksuele protagonisten sterft, heeft de film een belangrijke bijdrage geleverd aan de aanvaarding van homoseksualiteit door een heteroseksueel publiek. Sinds Yossi & Jagger leek de filmische holebiseksualiteit voorgoed geïntegreerd te zijn in de Israëlische filmcultuur.

 

Rode zwembroek


Uit de kast, uit de kleren? Niet zo snel. Hoewel de Israëlische queer cinema dankzij Eytan Fox een grote stap vooruit zette, blijft het voor heel wat Israëlische regisseurs een grote stap om homoseksuele fysieke intimiteit realistisch of expliciet in beeld te brengen. Verpakt in dikke winterjassen rollebollen Yossi en Jagger door de sneeuw, en in The Cakemaker wordt het meeste van wat we van de naakte lichamen van de protagonisten kunnen zien grotendeels beperkt tot wat Thomas toont wanneer hij Orens rode zwembroek draagt, afgezien van één eenzame blik op een naakte achterkant. Voorts kiest Graizer ervoor om het beeld naar zwart te laten vervagen wanneer Thomas’ en Orens lippen elkaar dreigen te raken, waardoor het publiek zelf de gevolgen maar moet raden.

Het is interessant dat de passie in The Cakemaker, net zoals in Luca Guadagnino’s Call Me By Your Name (2017), vooral vestimentair tot uiting komt. Hierdoor is het de zoveelste holebifilm in rij waarin erotiek en intimiteit op een heimelijke manier getoond worden onder de noemer van ‘seksuele spanning’. In Call Me By Your Name wordt de 17-jarige Elio één met zijn geliefde Oliver door diens zwembroek te zoeken, te dragen en erin te masturberen. In The Cakemaker zoekt Thomas verbondenheid met de overleden Oren door eveneens zijn rode zwembroek aan te trekken en op bed te mijmeren over zijn vergane romance. Wat later zit hij naakt geknield voor het bed, dat hij bedekt heeft met Orens oude trainingspak, als ware het een altaar dat hij aanbidt. Ook Orens vrouw wordt emotioneel getriggerd wanneer ze Thomas in de kleren van haar overleden man ziet. De ‘Ich liebe dich’ valt pas wanneer de bestemmeling hem nooit meer zal ontvangen. De mannen zijn dan wel uit de kast, maar de fetisj voor kleren lijken ze niet van zich af te hebben geschud.

Heteronormativiteit kleurt veel queer cinema, zelfs wanneer het genre zich er net zo hard van af wil keren. Waarom dit gedaan wordt, is simpel: om een zo breed mogelijk — lees: heteroseksueel publiek — naar de bioscoop te lokken en ervoor te zorgen dat expliciete beelden hen niet tegen de borst kunnen stuiten.  Het is afwachten wat er zal gebeuren nu The Cakemaker opgemerkt werd in het festivalcircuit en een Amerikaanse remake reeds in de steigers staat. Cinema wordt de Zevende Kunst genoemd, maar is in veel gevallen helaas ook nog steeds een economisch gegeven van cijfers en dollars.

 

Ersatzliefde


Tevens is het belangrijk om op te merken dat homoseksuele en heteroseksuele intimiteit in The Cakemaker niet eenduidig wordt geuit. Wanneer Thomas en Oren intiem worden, wordt dit gereduceerd tot een snelle momentopname die een zekere shock value heeft. Nadien laat Graizer de mannen post-coïtus zien, terwijl hun naakte lichamen elkaar bedekken. Op deze manier lijkt hun affaire er een te zijn van vleselijke lust, zonder enige vorm van liefde en intimiteit. Wanneer Thomas en Orens weduwe Anat later intiem zijn, toont Graizer onbeschaamd het hele proces, van eerste schuchtere kus tot orgastisch hoogtepunt, met een onbeschaamde erotiek. Tevens heeft hun vluchtige scharrel een diepere betekenislaag. Ze zijn elkaars erzatsliefde en symboliseren voor elkaar waar ze het meest naar verlangen. Thomas wordt Oren, net zoals Anat haar overleden echtgenoot belichaamt.

Regisseur Ofir Raul Graizer noemt The Cakemaker “een verhaal over mensen die niet gedefinieerd willen worden door hun identiteit.” Net zoals heel wat homoseksuele Israëli's willen de personages uit de film niet vereenzelvigd worden met definities als seksualiteit, nationaliteit, religie en zelfs gender. Door de fysieke intimiteit bewust niet te tonen, staat Ofir Raul Graizer toe dat seksualiteit in andere vormen naar boven komt. Dit wekt de indruk dat queer cinema seksloos moet zijn om überhaupt te kúnnen slagen bij een ruimer publiek, en stelt de acceptatie van holebiseksualiteit schromelijk in vraag.

 

Homofobe homofilm

​​​​​​​
Voor een film die een stomende liefdesaffaire als uitgangspunt van het plot neemt, zit er aanzienlijk weinig vuur in de relatie. Sommige filmcritici bekritiseren The Cakemaker zelfs omwille van het achterhouden van homoseksuele erotiek. Zo noemt filmrecensent Boyd van Hoeij van The Hollywood Reporter de film “een beleefd, gedempt melodrama over een biseksuele man dat gecastreerd werd voor het breedst mogelijke heteroseksuele publiek.” Prijzenwinnende films als Call Me By Your Name en Oscarwinnaar Moonlight (2016) lijken aan te geven dat een mainstreampubliek klaar is om de herenliefde filmisch gezien te omarmen, maar in de praktijk valt dit behoorlijk tegen. Of het nu gaat om Yossi & Jagger, The Cakemaker of Call Me By Your Name: ze zijn allen tellers die boven heteronormatieve noemers staan.

Queer cinema lijkt alomtegenwoordig, maar wordt ondanks alle inspanningen toch nog vaak gezien als een nichegenre, dat gericht is op een nichepubliek. Zelfs op filmfestivals worden zogenaamde ‘queer themed films’ nog steeds onderscheiden van heteronormatieve films, met onderscheidingen als de Queer Lion op het Filmfestival van Venetië, de Queer Palm in Cannes, de Teddy Award op het Filmfestival van Berlijn en de specifieke thematische ‘#holebi’-aanduiding op het Filmfestival MOOOV. Ook binnen de grenzen van de Israëlische cinema wordt het thema nog steeds met fluwelen handschoenen aangepakt. Vaak is de portrettering van holebi’s nog steeds donker, en het Tel Aviv International LGBT Film Festival wordt jaarlijks geboycot. Inclusie is nog veraf, ook al is het op papier een uitgemaakte zaak.

Is mannenliefde tonen in cinema dan toch nog een taboe? Dat is een tweeledige kwestie. Queer cinema probeert op een globale schaal lansen te breken, maar kampt inherent met haar eigen outing. Films met een expliciete aard zijn vaak gericht op een nichepubliek. Films die de niche overstijgen, worden geconfronteerd met zelfcensuur. Het probleem zit in het publiek dat ze voor ogen hebben. Expliciete beelden kunnen de populariteit beïnvloeden en een mainstreampubliek uit de zalen houden. Binnen de Israëlische grenzen zorgt het verschil tussen wet en praktijk en een samengaande don’t ask, don’t tell-mentaliteit voor de grootste hinder. Wat we niet zien, is er niet.

Betekent dit dan dat Graizer een hybride homofobe homofilm gemaakt heeft? Dat zijn grote woorden, maar ze bevatten een kern van waarheid. Graizer — notabene zelf ook homoseksueel — behandelt zijn eigen geaardheid als een bevlieging, als iets om beschaamd om te zijn. Wanneer Thomas in The Cakemaker naar een redder zit te staren, slaat hij schaamachtig de ogen neer zodra hij hierop wordt gepakt. Zijn blik straalt niet enkel schroom, maar ook gêne en onzekerheid uit, alsof hij beschaamd is om zijn ware aard te tonen. Daarnaast wordt Oren getormenteerd door het dubbelleven dat hij leidt.  Hij kan enkel zichzelf zijn wanneer hij dit kan counteren met een heteroseksueel bestaan dat wel sociaal en politiek aanvaard wordt. Met The Cakemaker bewijst Graizer niet het bestaan van de uitzondering, maar wel de alomtegenwoordigheid van de regel.

Young Critics @ MOOOV

Cinea selecteerde en begeleidt 6 jonge schrijvers die verslag uitbrengen over de reeksen van MOOOV Filmfestival. De 'Young Critics' van dienst zijn Camilla Peeters, Michaël Van Remoortere, Tom Rouvrois, Sam Duijf, Sven Hollebeke en Lotte Bode. 
Hun pennenvruchten vind je zowel op de blog van Mo* Magazine, op de website van rekto:verso en op de website van MOOOV!

Meer weten? www.cinea.be